Sixties

[MP 321/322] Tegenwoordig mag alles maar gebeurt er niets, in de jaren zestig mocht niets maar gebeurde er van alles. De jaren zestig! Al bij het noemen van dat decennium gaat er een siddering door brave hoogbejaarden. Het kwaad had in die tijd een naam: jeugd. Jeugd, dat betekende: drank en vandalisme, hennep en molest, Sartre en Hesse, ongewassen haar en ongebreidelde ontucht. Vooral in Den Haag. Want de jeugd, dat was ook bietmuziek, en Den Haag was bietstad nummer één.
In sommige Haagse wijken die nog niet door sloop zijn gerenoveerd staat nog hoog op gevels in kalkletters geschreven: Q 65, soms, verwijzend naar de bewoners, voorafgegaan door een spitsvondige I.
De jaren zestig, dat was: de Stones in het Kurhaus, een happening die bezocht werd door minstens veertigduizend bekende Nederlanders, die zich nog precies herinneren hoe ze door een van beide politieagenten van het podium werden gemept.

Na de moord op Kennedy was het met de jeugd niet meer goed gekomen. Willem Duys toonde onthutst televisie kijkend Nederland de meest huiveringwekkende exponent van de psychedelisch losgeslagen jeugd: Bart Huges, die het gaatje dat hij volgens Duys van nature al in zijn hoofd had nog eens in letterlijke zin had aangebracht. (Toch nog zeventig geworden, die Huges, met dat gaatje.)
De jaren zestig! Eindelijk tijd voor teenagers! Radio Veronica 192! Moeten kiezen tussen Beatles en Stones. Voordat heel Nederland open ging, ging het Dorp open. En wat te denken van Herman Stok, eerst Neerlands jongste discjockey, later Neerlands oudste.

Wat een dag, 6 juni 1964, negen dagen voor mijn zesde verjaardag! Ringo was er niet bij maar met ons duizenden doken we de gracht in, ons vastklampend aan matrassen die daardoor nog sneller zonken. Meer dan driehonderd Beatlefans verdronken, de anderen stonken! Berend Boudewijn was er ook. Hij wist niets van onze muziek maar Herman Stok praatte hem snel bij en Berend werd per seconde wijzer.
Beatlelaarzen werden de norm, menige voetvergroeiing vond er haar oorzaak in. Klompvoeten in klompenland!
De jeugd werd eindelijk serieus genomen: weg met Okki Trooi en Mr. Ed, het sprekende REM-paard. Jeugdprogramma’s wilden we en kregen we! Fanclub (later Fenklup). Hoepla!
Alles kon maar niets mocht, dus het gebeurde. Tuig peurde tegels uit het trottoir om de politie mee te bekogelen. (Toen: politie – kort haar, tuig – lang haar.)

Komt nooit meer terug, voorgoed verleden tijd. Net als Ja zuster, nee zuster en De wrekers. (Hagenaar!) Lou van Burg was hier klaar met zijn Binnengebeuren klaar? Buitengebeuren klaar? en week uit naar Duitsland.
Jonge mensen zouden de wereld veranderen want alles moest anders. Als alles eenmaal anders was zouden we het nooit meer over de jaren zestig hoeven te hebben, dus ik moest wel.

© Copyright Martin de Jong, Den Haag. Alle rechten voorbehouden.