Star Trek Wars

Dat ze Jasper in de gaten had was in theorie een kans van een op veertien maar in de praktijk zou die kansberekening waarschijnlijk een te optimistische voorstelling van zaken zijn. Want ga maar na: er zaten veertien jongens in de klas die ieder maar met een nieuw meisje te maken hadden, terwijl nieuwkomer Sylvia geconfronteerd werd met veertien jongens waar zij uit wijs moest zien te worden. Dat zij na een dag al van hem zou dromen leek Jasper dan ook niet waarschijnlijk, terwijl hij meteen al wel ver haar begon te dagdromen. Nog twee weken, dan was het Bevrijdingspop – stel je voor dat hij het voor elkaar kreeg samen met haar te gaan. De hoofdact was dat jaar Botannica, de beste Engelse heavy indieband.
Het duurde vijf schooldagen voordat hij haar anders dan alleen vluchtig in het voorbijgaan kon observeren. Vanaf de eerste dag was Sylvia bijna constant omgeven geweest door andere meiden uit de klas, het leek wel alsof ze probeerden haar af te schermen van de jongens. Maar op de vijfde dag stond hij wachtend tot ze de klas in konden vlak bij haar op de gang. Dat ze gitzwart haar had was hem natuurlijk al eerder opgevallen – maar het leek wel of ze ook zwarte pupillen had! En nog sproeten op de koop toe. Ze droeg een zwart T-shirt waarop een ruimteschip een benijdenswaardige baan om haar borsten beschreef. Er stond iets onder het ruimteschip geschreven dat Jasper probeerde te ontcijferen zonder haar de indruk te geven dat hij naar haar borsten staarde. Het kostte hem door de spanning in zijn maag moeite om te lezen wat er stond. Star Trek, las hij toen hij zag dat ze niet in zijn richting keek. Daarna ging zijn blik weer omhoog, naar het ruimteschip en de benijdenswaardige baan dat het beschreef.
Star Trek Star Trek Star Trek, ging het tijdens de resterende lessen van die vrijdag door hem heen. Daar hield ze van. Hij wist zo goed als niets van Star Trek en moest er zo snel mogelijk zo veel mogelijk over te weten zien te komen. Daarvoor kon hij oom Wies inschakelen, de eigenaardige broer van zijn vader. Er meteen na school maar naartoe fietsen.

‘Neef Jasper! Kom binnen.’
Hij gaf zijn oom een hand. Oom Wies was twee jaar jonger dan zijn vader maar zag er ouder uit. Volgens Jaspers moeder kwam dat doordat hij de zorg van een vrouw miste. Op Jasper maakte oom Wies niet de indruk dat hij iets in zijn leven miste: hij straalde vrolijkheid uit en leek het allerminst erg te vinden dat hij geen vrouw had. Of geen werk. Hij leefde van een uitkering waar hij ondanks zijn dure hobby op de een of andere manier van rond wist te komen. Aan kleding zou hij in elk geval weinig geld uitgeven: altijd als Jasper hem zag droeg hij een spijkerbroek en een T-shirt en had hij een petje op waar zijn resterende haar als franje onderuit kwam pieken. Misschien was het een petje met haren eraan. Op het T-shirt dat hij aanhad toen Jasper aanbelde stond net als op dat van Sylvia een ruimteschip afgebeeld maar niet hetzelfde. Dat zou al te toevallig geweest zijn. Het beschreef een baan om wat de borsten van oom Wies genoemd konden worden: hij was een stevige bierdrinker en had niet alleen een bierbuik maar ook bierborsten.
‘Wat verschaft me de eer van je bezoek?’ zei oom Wies.
‘Ik moet een werkstuk over Star Trek maken,’ zei Jasper, terwijl hij in de woonkamer zijn rugzak op de grond legde en op de bank ging zitten. Aan de muur hingen Star Trekposters, er was een vitrine gevuld met miniatuurruimteschepen en poppen van de Star Trekpersonages en de boekenkast bevatte behalve tientallen boeken over Star Trek een immense collectie dvd’s. Allemaal Star Trek.
‘Dan ben je aan het goeie adres,’ zei oom Wies. ‘Wil je wat drinken? Ik heb geen fris, alleen bier.’
‘Dat is goed,’ zei Jasper. Hij vroeg zich af of hij daar op den duur ook borsten van zou krijgen of dat zijn moeder het maar verzonnen had, dat je als man van bierdrinken bierborsten kreeg. Ze mocht oom Wies niet, ze vond hem ‘eng’ en had een keer tegen Jasper gezegd dat het haar niet zou verbazen als haar zwager onder de tatoeages zat. Dat zouden dan wel Star Trektatoeages zijn.
Oom Wies keerde met twee blikjes bier terug uit de keuken. Hij reikte zijn neef er een aan en ging tegenover hem op een stoel zitten.
‘Een spreekbeurt over Star Trek, mooi, mooi. Over welke serie ga je het hebben? Of moet het over de films gaan?’
Welke serie? Waren er dan meerdere?
‘Er zijn vijf series. TOS, TNG, DSN, Voyager en Enterprise.’
Jasper keek zijn oom vragend aan. Tie Oo Es? Tie En Dzjie? Die Es En?
‘Ik hoor het al, je bent een leek. Laat ik het kort proberen samen te vatten. De eerste serie heette gewoon Star Trek, maar omdat er daarna nog andere series kwamen wordt het tegenwoordig TOS genoemd, The Original Series. De roerganger van Starship Enterprise is captain James T. Kirk. Die T. staat voor Tiberius. Dat weten niet veel mensen, sla je een goed figuur mee als je dat in je spreekbeurt noemt. Dr. McCoy noemt de captain Jim, Kirk noemt McCoy Bones. Star Trek was in de jaren zestig een baanbrekende serie, bedacht door Gene Roddenberry. Hij kreeg voor elkaar wat in de Amerikaanse samenleving nog lang niet mogelijk was: mensen met alle mogelijke etnische achtergronden, inclusief een half mens, halve Vulcan, op basis van gelijkwaardigheid met elkaar te laten omgaan. De keer dat Kirk Uhura kuste, dat was op de Amerikaanse tv nog nooit vertoond. Een blanke man die een zwarte vrouw kust! William Shatner kuste Nichelle Nichols opzettelijk zo dat het vol in beeld kwam.’
Jasper nam een slok bier. Dit was pas de eerste serie, als het zo doorging zou het een lang college worden. Maar oom Wies ging met grote stappen door de andere series.
‘De tweede serie was The Next Generation, met captain Jean-Luc Picard. En dan heb je nog Deep Space Nine, waar captain Sisko de leiding heeft, en Star Trek Voyager, met captain Kathryn Janeway. En niet te vergeten met Seven of Nine, gespeeld door Jeri Ryan. Ah, de mooiste vrouw op aarde. Wat zeg ik, in het universum! Als ik in Amerika woonde zou ik het wel weten!’
Hij staarde dromerig voor zich uit. Jasper zag hem voorovergebogen op zijn stoel zitten, de ellebogen steunend op zijn knieën, de bierbuik rustend op zijn dijen. Als oom Wies in Amerika woonde? Dan zou die Seven of Nine het ook wel weten – en bij hem uit de buurt blijven.
‘Laat Enterprise maar zitten,’ ging oom Wies verder. ‘Die serie werd na vier seizoenen opgedoekt. Wanneer moet je spreekbeurt af zijn?’
‘Maandag,’ zei Jasper.
Oom Wies stond op en liep naar de boekenkast. ‘Jammer, dat is te kort dag om alles bekeken te krijgen. Ik heb hier staan 79 afleveringen van The Original Series, 176 Next Generation, 176 Deep Space Nine, 172 Voyager en 98 Enterprise. En dan nog de tien speelfilms. O, ik zou The Animated Series haast vergeten. Die is waanzinnig goed, met de stemmen van de acteurs uit The Original Series. En in die serie zit de enige keer dat Kirk Beam me up, Scotty zegt! Weet je wat ik doe, ik geef je de encyclopedie mee. Daar kan je alles in vinden wat je nodig hebt voor je spreekbeurt. Misschien is het een idee om het over de Borg te hebben: die kunnen je assimileren, waardoor je deel gaat uitmaken van het Borgcollectief. Picard is een tijdje geassimileerd geweest. Dat assimileren kan je beschouwen als een metafoor voor wat ons allemaal overkomt. We komen als individuen ter wereld maar we worden voor we er erg in hebben onderdeel van het collectief, we worden geassimileerd door de maatschappij. Klaargestoomd voor wat onze taak op aarde is: consument zijn.’

Jasper fietste naar huis met in zijn rugtas gelukkig alleen de encyclopedie en niet de enorme collectie dvd’s. Die had er niet eens in gepast. Hopelijk stond in de encyclopedie inderdaad alles wat hij nodig had om binnen drie dagen een Star Trekspecialist te worden. Van de ellenlange uitleg van zijn oom was hij tureluurs geworden. Wat had hij gezegd? Er was in de jaren zestig in Amerika een schandaal uitgebroken omdat captain Kirk een hoer gekust had?
Thuisgekomen ging hij het enorme boek op zijn kamer bekijken. Het heette voluit Star Trek Encyclopedia – A Reference Guide to the Future en was geschreven door Michael en Denise Okuda. Hij bladerde het door en zijn oog viel daarbij op een van de trefwoorden: Benzocyatizine. Hoe zou je dat uitspreken? En wat was het? Het was ‘medication used to adjust the levels of isoboramine in joined Trill’ – hij zou kunnen proberen de definitie uit zijn hoofd te leren maar het leek hem nou niet direct het soort parate kennis waarmee hij op Sylvia indruk zou maken. Tenzij haar Star Trekpassie even hysterisch was als die van oom Wies.
Het hele weekend was Jasper verdiept in het 630 pagina’s tellende boek. Toen op maandagochtend de wekker afliep had hij het idee dat hij als het moest een spreekbeurt van zes uur over Star Trek zou kunnen houden.

Met een hoofd vol feitjes zette hij op school aangekomen zijn fiets in het rek. Terwijl hij bezig was hem op slot te zetten werd er in het vak ernaast een fiets geparkeerd. Het stuur ervan bleef hangen aan de kabel van zijn handrem. Jasper keek op om te zien wie de dader was. Sylvia!
‘Oeps, we zitten aan elkaar vast,’ zei ze.
Hij stond er zelf versteld van dat hij in haar nabijheid zo ad rem kon reageren maar hij deed het. ‘We worden geassimileerd!’
‘Wat?’
‘Door de Borg. Net als Picard.’
‘Sorry, ik heb geen idee waar je het over hebt,’ zei ze.
‘De Borg. Uit Star Trek. Daar had je vrijdag een T-shirt van aan.’
‘Nee, dat was Star Wars.’
Jasper voelde zichzelf verschrompelen en door de grond zakken. Maar toen hij haar in zijn verschrompelde toestand aankeek zag hij dat ze naar hem glimlachte. En hij zag niet alleen haar glimlach. Hij zag ook wat er stond op het T-shirt dat ze droeg: Botannica.

© Copyright Martin de Jong, Den Haag. Alle rechten voorbehouden.